Niet-moeder Moederdag

Niet onze kippen; die komen binnenkort pas

Niet onze kippen – die komen binnenkort pas

Speciaal voor de talkshow hebben de gasten foto’s meegenomen waar ze met hun moeder op staan. Humberto Tan en het publiek reageren vertederd. Iedereen vertelt hoe speciaal hun moeder is, en ze hebben het over het instinctieve oergevoel, de onvoorwaardelijke moederliefde.

De kloek die haar kuikens veiligheid en geborgenheid biedt. Haar warme vleugels bij kou, gevaar of gewoon als troost. Ze is trots en wil met de kleintjes pronken, koestert als ze jong zijn en laat ze later hun vleugels uitslaan, maar biedt altijd een veilig nest als het nodig is. Echte moeders, zoals mijn schoonmoeder.

Niemand kan een moeder vervangen, is de boodschap. De warme, onvoorwaardelijke liefde en interesse; het kind respecteren zoals het is, het kwetsbaar laten zijn en veiligheid bieden. Zonder oordelen, laat staan veroordelen. Is het oproepen van dat gevoel nou echt voorbehouden aan je biologische moeder? Gisteren schoten me wat voorbeelden te binnen, uit soms onverwachte hoek.

Natuurlijk dacht ik aan mijn fantastische Tante Jantje, met stip bovenaan. Zusje van mijn vader, zelf moeder van vier zoons en inmiddels het hoofd van haar eigen twintigledige Canadese familie-dynasty. En dan is ze er ook nog voor mij, geeft me het veilige gevoel altijd bij haar terecht te kunnen. Ik voel een verbondenheid die ook bij een bloedband absoluut niet vanzelfsprekend is. Al dat vertrouwen en die liefde – dank lieve Tante Jantje.

Maar de andere vrouwen die ik graag deze zondag een virtuele doos Merci wil geven, zijn geen moeder. Soms veel te jong om mijn moeder te zijn. En toch verdienen ze absoluut een plekje in het Moederdagzonnetje.

Yvonne – ook uit Canada; zou het daar iets mee te maken hebben? – die in al onze contacten een luchtige en vanzelfsprekende onvoorwaardelijkheid uitstraalt. Ze heeft vast geen idee hoe het me ontroert als ze langs haar neus weg vraagt of ik wel weet dat ze haar Warna-pop nog steeds heeft, nu al meer dan 20 jaar. ‘Ik ben speciaal, ik heb een plekje in jouw hoofd en hart’ zegt het mij iedere keer opnieuw. Zo ontzettend lief.

Dan Soumya/Tineke; ze geeft me tijdens toevallige ontmoetingen op straat of in de trein altijd het gevoel ertoe te doen en toont oprechte interesse. Feilloos aanvoelend dat ik soms snak naar die moederlijke arm om mijn schouder. Me met een paar vriendelijke woorden ongevraagd troost en geborgenheid gevend en liefdevolle energie uitstralend.

Dat je iemand helemaal niet lang hoeft te kennen om dat veilige en geborgen gevoel te krijgen, bleek wel toen ik afgelopen jaar in Duitsland op bezoek was bij Erna, de jeugdliefde van mijn vader over wie ik nota bene pas 70 jaar later voor het eerst hoorde. Getrouwd geweest, maar kinderloos en ook nu op haar 86ste nog steeds liefdevol sprekend over hem. Hoe ze mij met open armen ontving, maakte dat ik me direct op mijn gemak voelde, als in een vertrouwd nest.

En verder heb ik ook een aantal generatiegenoten waarvan ik weet dat zij als niet-moeder regelmatig kinderen een momentje veilig laten schuilen onder hun vleugels.
Deze Moederdag wil ik daarom opdragen aan alle vrouwen die zelf geen kinderen hebben maar met hun liefde, energie en woorden kinderen van anderen soms even dat speciale oergevoel van geborgenheid en veiligheid weten te geven. Dank daarvoor. Fijne Moederdag.

Volle bak

Bert van den Brink en Thijs van Leer

Bert van den Brink en Thijs van Leer

Dankjewel, wat onvoorstelbaar prachtig en wat was ik hier ontzettend aan toe‘, verzuchtte ik. Het floepte eruit en ik wist zelf eigenlijk niet wat ik ermee bedoelde. Ook na de pauze tijdens de tweede set bleven de tranen lopen, het hele concert door veegde ik mijn wangen droog. Tot in het diepst van mijn ziel raakte de muziek me.

Kun je om 8 uur hier zijn?‘ had Robin gevraagd om spontaan alsnog naar een optreden van een bevriende muzikant te kunnen. Ja, dat moest lukken. En zo zaten we met z’n tweetjes opeens vanaf de tweede rij in de fraai verbouwde synagoge te kijken naar twee mannen op een podium. Ze stonden daar bijna per ongeluk – letterlijk, de een was ingevallen voor een zieke. Omgeven door een Steinway, een accordeon, dwarsfluiten, glazen, een digitale hammond, een melodica en het kleine kerkorgel boven. Ze hadden elkaar even gesproken en samen gegeten ter voorbereiding.

In de intieme zeshoekige zaal met balkon, crèmekleurige houten betimmering en panelen met Hebreeuwse teksten, stonden voor het lage podium dat grotendeels gevuld werd door de zwarte vleugel en een balk met grote lampen erboven aan het plafond, rijen comfortabele lichtgroen gestoffeerde stoelen opgesteld. Veel bleven leeg; het was een beperkt gezelschap dat plaatsnam en getuige mocht zijn van de kunsten van deze twee muzikale grootmeesters. Tovenaars.

Ze begonnen te spelen. Samen spelen. Op de basis van bestaande muziek nieuwe mogelijkheden zoekend, elkaar aanvullend, vloeiend meebewegend op de noten van de ander, elkaar uitdagend, inspirerend, met gevoel, passie en liefde voor de muziek die de ruimte voelbaar vulde. Van fluweelzachte fluisteringen tot krachtige orgelklanken. Emoties wisselden elkaar af; van melancholisch tot hilarisch. Zelfs het gerinkel van een per ongeluk omgestoten glas kreeg een muzikale echo en werd meegenomen in de muziek. Alles vloeide, klopte en voelde natuurlijk. Fan-tas-tisch.

Waar koop je die instrumenten waar uitsluitend de goede noten op zitten?‘ vroeg na afloop een muzikant die in het publiek zat zich hardop af. Iedereen, inclusief de mannen zelf, was het er bij de napraat over eens: dit was heerlijk.

Vanochtend werd ik heel vroeg wakker met de klanken nog in mijn oren. Er weerklonk iets doorheen en opeens begreep ik waarom tijdens het concert mijn tranen maar bleven komen. In de muziek was alles zonder een wanklank, dodelijke stilte of valse noot. Wat een contrast met het telefoongesprek een paar uur eerder die middag. Een kalm en rustig gesprek, waarin ondanks alle goede bedoelingen ieder woord schuurde, stokte, vastliep en detoneerde.

Waar twee relatief vreemden op een natuurlijke manier gevoelens konden delen en uitdragen met hun muziek, was het een moeder en dochter weer onmogelijk gebleken om elkaar te bereiken of begrijpen. Mam, je wordt zondag 80 jaar en ik had je heel graag willen komen feliciteren samen met mijn gezin. Maar je was direct duidelijk; ‘liever een andere keer, ik heb al een volle bak.’