Echt, echt, écht geprobeerd

Een hele dag geknokt, maar het lukte niet.

Een hele dag geknokt, maar het lukte niet.

Gisteravond een blog geschreven, dat bij nalezing vooral uit opsomming van getallen bestond. Hoogte en type verdoving, vochtbalans, ademfrequentie et cetera. Vooral om uit te leggen wat er allemaal gedaan wordt om de beademing er vanaf te krijgen. Maandag rustdag, dinsdag langzaam het afbouwen weer opbouwen. Van een poging in de avond werd op het laatste moment afgezien. Toch teveel onrust en moeite met ademen. Woensdag dan. Maar nee, ook dat lukte niet. Een voorzichtige tussenstap: alles van de beademing weghalen en alleen de slang in de keel laten. Daar dan extra zuurstof door toedienen. ‘Proberen we dat een half uurtje Krijn, oke?’ Ja, dat wilde hij graag. Maar na een paar minuten gaf hij aan dat het niet ging. Bloed afgenomen om te testen of de bloedgassen goed waren. Die voldeden, maar het was fysiek te zwaar. Ademen door een rietje, ga er maar aan staan. Het was zo’n mooie dag ervoor geweest: 21 oktober 2015 – Back to the Future-day. Helaas.

Vandaag dan, donderdag – na drie weken aan de beademing? En jawel, toen ik vanmorgen bij hem kwam was het al gebeurd: de beademing was eraf! Geen buis meer in zijn keel sinds 10 uur, alleen een zuurstofslang voor zijn neus die flink naar binnen blies. Hij lag op zijn zij behoorlijk moeizaam te ademen. Te snel en te oppervlakkig. Maar was wel blij. ‘Oefenen jongen, oefenen, je kúnt het! Je bent al van zó ver gekomen, dit gaat lukken.’ En met alles wat in zijn macht lag heeft hij ervoor geknokt. Op alle mogelijke manieren, bed iets meer rechtop, op zijn rug liggen, armen omhoog, nee, toch op een zij, bed weer vlakker, extra kussens onder zijn armen, beetje voorover hangend etc. etc.

Het mocht niet baten. De afkickverschijnselen van de verdovende medicatie komen er nog eens bij – waardoor hij onrustig was en ondanks alle inzet zichzelf niet kalmer kreeg. Uiteindelijk moesten zijn handen zelfs gefixeerd worden omdat hij ervan overtuigd was dat de maagsonde en de extra zuurstof hem ervan weerhielden te ademen. Helaas, een vervelende maatregel, maar wel noodzakelijk. En toen bleek dat zijn darmen de sondevoeding die hij sinds gisteren weer krijgt prima verwerken en doorvoeren. Bij het bed verschonen was het helemaal duidelijk; zo ging het echt niet langer. Doorgaan betekende dat hij zichzelf zou uitputten. Hij kreeg met een los masker extra beademingsondersteuning en even later kwam arts F. – die hem goed kent – kijken. Al eerder had hij de verdovende dexdor flink omhoog gezet in een poging Krijn rustiger te krijgen. Had niet geholpen. Het ontbreekt Krijn niet aan wilskracht, maar letterlijk aan spierkracht in zijn borst om zelf goed in en uit te ademen.

De knoop werd om 19.00 uur doorgehakt. Opnieuw intuberen en aan de beademing. Eerst verdoven met een flinke dosis propofol. En dan morgen, als hij weer helemaal rustig is en een beetje bijgekomen, krijgt hij de tracheotomie; de opening in zijn luchtpijp via de hals. Dokter F. vroeg me om het Krijn uit te leggen, zodat hij het in ieder geval al gehoord heeft. Heb ik gedaan. Hij begreep het en vond het goed. Tot de verdoving helemaal werkte bleef ik bij hem. Ging daarna op de gang zitten wachten en belde Robin. Na het intuberen kwam dokter F. ons uitleggen wat deze nieuwe stap betekent. Robin luisterde direct mee en we begrijpen nu waarom artsen liever geen tracheotomie doen als het niet écht nodig is. ‘Ik wil geen valse verwachtingen wekken. Het is een vervelende ingreep en Krijn moet wennen aan de canule in zijn hals. Voordeel is dat hij waarschijnlijk wel kan eten en drinken, maar in eerste instantie kan hij niet praten. Grootste voordeel is dat hij steeds kan oefenen en na een tijdje weer genoeg kracht krijgt om zelf goed te ademen. Houdt u rekening met 5 á 6 weken.’

Dat is de stand van zaken nu. Ik ben daarna nog bij Krijn geweest, die nog steeds hoog maar wel rustig ademend onder zeil lag. Maakte zijn handen los en heb hem een dikke knuffel gegeven. De dag was zo mooi begonnen en dan nu toch die domper. Voor Krijn, voor ons, de artsen en ook voor verpleger L. die de hele dag pogingen heeft gedaan hem te helpen. Ik deed mijn mondkapje en haarnetje af en L. bracht me naar de sluis waar ik ook de Schutzkittel uit mocht trekken en schudde me de hand. ‘Het spijt me, ik had het ook liever anders gezien. Het duurt langer, maar het komt wel goed.’

Half goed

Vanaf 10 uur waren we bij Krijn in het ziekenhuis. Hij zag er vreemd genoeg veel beter uit dan de afgelopen dagen. Veel minder dikke benen en voeten, hij keek helderder uit zijn ogen, was spraakzamer en minder versufd. Innerlijk wel nerveus, maar uiterlijk kalm. Echt Krijn. We mochten – tegen de strenge regels in – allevier tegelijk bij hem. En gewoon op de kamer bij hem blijven. Zijn buurman verhuisde naar een verpleegafdeling. In zijn zwaaiende hand toen ik hem gedag zei, zag ik een goed voorteken.

Wij waren uitgegaan van 12 uur als starttijd van de operatie. Verpleegkundige P. vertelde dat het tussen 2 en 3 uur zou worden. Dokter M. had voor zover zij begrepen had vannacht nog een spoedoperatie gedaan en moest bijslapen om fit te zijn voor de operatie van Krijn. Iets voor enen werden we verzocht in verband met de dienstwisseling in de wachtgang plaats te nemen. De nieuwe verpleegkundige zou ons na een half uurtje weer komen halen. Na driekwartier kwam er een bed de gang op rijden. Piepend en met drie man erbij. Jawel, Krijn! We hadden onze beschermende kleding niet aan, dus hij kon ons gewoon zien, en wij hem aanraken. Dat mocht, we mochten zelfs meelopen tot de operatiekamer. Heerlijk om toch een kus te kunnen geven zonder mondkapje. Gewoon zijn hand even vast te kunnen houden. Krijn was rustig, gaf zijn mobiel aan Robin. ‘Het goede nummer staat al klaar, voor het geval dat…’ Een van de verpleegkundigen zei monter: ‘Je hoeft geen afscheid te nemen, jullie zien mekaar gewoon straks weer!’

Daarna gingen we terug naar het appartement. Wachten. Buiten zitten. Stukje fietsen. Broodje eten, Wachten. Beetje op je mobiel turen. Cleo ging een dutje doen. Robin op het terras zitten tekenen in een schetsboekje dat hij van Krijn heeft gekregen. Hugo muziek luisteren met zijn oortjes in. En allemaal lazen we natuurlijk de ongelofelijke stroom lieve, meelevende berichtjes. Dank iedereen, ontzettend bedankt voor al die steun. ‘Ro, is je telefoon wel opgeladen?’ Voor als de chirurg belt….

Om 17.34 uur ging mijn mobiel. Een vreemd nummer. En jawel, het was dokter M. Nu al! Met half goed nieuws, zoals we het samenvatten. De operatie is goed gegaan. Hij heeft de pomp en slangen van links verwijderd. Die kant van het hart doet het goed genoeg. Rechts verwijderen was nu niet verantwoord. Hij heeft daarom een nieuwe beslissing genomen, ook ingegeven door zijn indruk van het totale hart nu hij het in de borstkas zag, en niet alleen op een echo. De onomkeerbaarheid van de beslissing om het hart te vervangen door een kunsthart weegt zwaar. De slangen van rechts heeft hij daarom zo omgebouwd dat ze er zonder nieuwe operatie uitgehaald kunnen worden. Maar de pomp zit er nu dus nog wel. Hij wil de rechter harthelft de allerlaatste kans geven zich te herstellen. Ze zullen het heel goed in de gaten houden, want er moet snel gehandeld worden als het niet werkt natuurlijk. Hij blijft in de buurt de komende dagen. Verder heeft hij de borstkas kunnen beoordelen en gezien dat een kunsthart mogelijk is.

Krijn knokt. En deze chirurg knokt mee.

Hij is nog onder narcose. We mogen zometeen bij hem. Wordt vervolgd.